Logo Nationale Eendaagse Fondspiegel

Nationale Eendaagse Fondspiegel

Van Doorn-Van Wanrooij, Den Dungen - Winnaar Jong Categorie 3 Fondspiegel 2019
Van Doorn-Van Wanrooij, Den Dungen - Winnaar Jong Categorie 3 Fondspiegel 2019
1-9-2020 / Reportages

Van Doorn-Van Wanrooij, Den Dungen - Winnaar Jong Categorie 3 Fondspiegel 2019

Categorie 3 van de fondspiegel jong is het domein van de grotere jonge duivenspelers. Mannen uit alle windstreken van Nederland die van presteren met de jonge garde op met name de laatste drie vluchten hun specialiteit hebben gemaakt. Grotere aantallen duiven, waarmee ze duizelingwekkende series weten weg te zetten. In 2019 werd de prestigieuze titel toebedeeld aan de Combinatie Van Doorn-Van Wanrooij uit Den Dungen.

Gekend duo

De namen Van Doorn en Van Wanrooij zijn inmiddels zeer gekend in de landelijke duivensport. Henri van Doorn is als hokverzorger in dienst bij John van Wanrooij en is derhalve dagelijks in Geffen te vinden op de hokken van de Combinatie van Wanrooij waar hij samen met John en John Vos het programma speelt met de nadruk op de dagfond en jonge duiven. Op eigen erf in Den Dungen staan de hokken van Van Doorn-Van Wanrooij, waar alleen het spel met de jonge duiven gespeeld wordt.
Zoals men wel weet de laatste jaren worden op beide hokken geweldige prestaties weggezet. Daar in Den Dungen is het een klein paradijsje. Henri woont met zijn gezin aan een dijkhuis in het buitengebied. Eenmaal door de poort is er het uitzicht op een enorm grote en prachtig aangelegde tuin. Het kweekhok en vlieghok vallen amper op in deze zee van ruimte. Een heerlijke locatie met een enorm uitzicht, het moet geweldig zijn om hier van veraf je jonge duiven al aan te zien komen van de vluchten.

Feiten en cijfers

De prestaties in 2019 logen er niet om. Naast de fondspiegel jong werd hij in de afdeling met de jonge garde 1e onaangewezen met ruime voorsprong op Combinatie van Wanrooij en Ingrid de Jongh uit Elshout. Aangewezen werd hij derde achter Lambert van Erp (Berghem) en Hermans-Hoekstra (Waalre). Nog indrukwekkender was de serie duifkampioenen in de afdeling: 1e, 2e, 5e, 8e, en 9e duifkampioen.
 
De drie vluchten die telden voor de fondspiegel jong en hem de zege bezorgden, spraken ook tot de verbeelding.
F33 Melun (393km), 3231 duiven (37/50): 9-10-11-12-29-32-33-34-36-37-42-43-61-64-65-66-70-72-74-92-etc.
F35 Lorris (469km), 2611 duiven (30/50): 14-15-16-17-18-19-222-29-31-57-63-80-9-etc.
F37 Orleans (495km), 2596 duiven (34/48): 7-8-11-23-47-50-51-53-55-64-65-87-88-94-96-etc.
 
Daarnaast werd hij tweemaal tot grootmeester van de week gekroond en wel op de vlucht voorafgaand aan Melun, te weten F32 Nanteuil le Haudouin en op de afsluitende natoervlucht L38 Morlincourt. Tweemaal grootmeester worden in één seizoen, terwijl je alleen met jonge duiven speelt, is slechts voor een enkeling weggelegd. Daarnaast had hij op de natoervlucht L36 Morlincourt de snelste van het concours. Pure klasse van een ware specialist.

Hoe dan?

Hoe wordt je specialist met de jonge garde en wat moet je ervoor doen? Henri is daarin een open boek en laat met een gerust hart zien hoe hij te werk gaat. Alles begint met een gedegen plan en de uitwerking daarvan.

Te beginnen met het hok

Het vlieghok bestaat uit vier afdelingen voor de jongen, maar in de praktijk zijn daarvan alleen de twee rechtste afdelingen, met een ren ervoor in gebruik. “Op die twee afdelingen komen ze gewoon beter als op de andere twee”, vertelt Henri. De verschillende rondes jonge duiven worden dus allemaal op hetzelfde hok bijgeplaatst. Wat aan de binnenzijde opvalt is de speelsheid aan schapjes en donkere afgeschermde hoekjes. Volop ruimte, lucht en licht en de mogelijkheid om samen weg te kruipen. Aan de voorzijde een grote ren die deels is afgeschermd met plexiglas en waar de duiven het grootste deel van de dag verblijven. Dat aan alles gedacht is blijkt uit de zijkant van de ren. Daar bevinden zich vier inkorfmanden met aan de achterzijde blauwe waterbakjes. Precies zoals ze later tijdens de vluchten mee zullen maken en waar ze dus van jongs af aan gewend worden. Want, een waterbak op het hok zal je niet vinden. Drinken moet uit de blauwe bakjes die aan de inkorfmanden hangen. Het lijkt zo simpel, maar het is een uiterst effectieve methode om de jonge duiven van meet af aan te leren drinken in de manden. Ter illustratie zijn de foto’s van het hok en ren bijgevoegd om een idee te geven hoe het eruit ziet.

Het opleren

Hier wordt echt enorm veel werk van gemaakt. Te beginnen met kleine stapjes vanaf een paar honderd meter en zo wordt het langzaam opgevoerd. Zo zijn ze in het begin minimaal acht keer gelost op slechts twee kilometer van het hok. “Conditioneren, conditioneren en duiven het vertrouwen geven snel de weg naar huis te vinden. Dat is de sleutel”, aldus Henri. Veelvuldig opleren dus, ver hoeft niet, wel vaak. Zo wordt er op dit moment dagelijks gereden naar o.a. Biest-Houtakker en Goirle, afstanden van een 35 kilometer. De reden dat er westelijk opgeleerd wordt is dat volgens Henri onze duiven daar vandaan komen en hoe vaker ze daar gelost zijn, hoe beter en sneller ze straks de weg naar huis weten te vinden. Als het seizoen eenmaal begonnen is wordt dat dagelijks rijden losgelaten en wordt er meestal eenmaal in de week nog gereden.

Het spel zelf

De laatste drie jaar worden de duiven na de derde vluchten met de jongen gescheiden en verder gescheiden gespeeld. In het verleden liet Henri ze wel bij elkaar en speelde op nest. Dat is echter met zijn fulltime job als hokverzorger te bewerkelijk. Daarover vertelt hij: “Je moet je kwekers mee koppelen, veel tellen, jongen kunnen verkleinen, etc. Dat vergt nogal wat administratie om het bij te kunnen houden en alles in goede banen te leiden.” Aan de ene kant vindt hij het wel jammer, want in zijn ogen kun je met jonge duiven op nest eigenlijk nog beter spelen dan wanneer je ze gescheiden speelt.

Stamopbouw

De basis van de duiven bij Henri ligt veelal bij het soort van Ad Schaerlaeckens, rechtstreeks en via Boxtelnaar Berrie van de Brand. De laatste jaren zijn er, mede doordat hij bij John van Wanrooij werkt, ook andere duiven aan de kweekstal toegevoegd. Immers te lang voortborduren op een enkele stam kan geen enkele melker en dus is het zaak op tijd vers bloed in te brengen en wel bloedlijnen waarmee je vooruit komt en die je op niveau houden of zelfs nog sterker kunnen maken. Met het materiaal wat op de hokken van zijn werkgever aanwezig is, weet je dat je toplijnen binnenhaalt. Dan is het nog aan de liefhebber de juiste koppelingen te vinden, maar getuige de prestaties is dat aan Henri van Doorn wel toevertrouwd.

Slot

De goedlachse Brabander Henri van Doorn heeft van zijn hobby zijn beroep weten te maken en brandt nog altijd van ambitie om samen het allerhoogste in de duivensport na te streven. Niet alleen op eigen hok onder de naam Van Doorn-Van Wanrooij, maar zeker ook op het hok in Geffen. Waar op eigen erf de jonge duiven bovenaan staan, zal en moet er in Geffen van begin tot eind aan getrokken moeten worden om te presteren. De focus is er, de ambitie brand, de concurrentie is op voorhand gewaarschuwd. Het zijn de kenmerken van een ware kampioen die duivensport benaderd als topsport en niet als een spelletje. Vluchten spelen is leuk, top presteren is veel leuker. Daarmee schets ik als schrijver denk ik de intentie hoe Henri de duivensport benadert en beleeft, alleen het beste is goed genoeg en er is altijd nog ruimte voor verbetering. Het is het kenmerk van de ware kampioenen in elke sport.

Peter van Zuijlen

© Het Spoor der Kampioenen

Het is niet toegestaan om tekst, afbeeldingen of andere onderdelen van de Eendaagse Fondspiegel, in originele of gewijzigde vorm, aan derden te distribueren zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de organisatie. Het is wel toegestaan, uitsluitend voor persoonlijk gebruik, deze www-pagina's, en/of onderdelen van deze pagina's, in originele vorm, te kopiëren naar uw computer, te printen of om in eigen documenten verwijzingen naar deze pagina’s op te nemen.
Copyright © 2014-2020 Nationale Eendaagse Fondspiegel. All rights reserved.